Het stekken van een sexy Salvia
De kunst van het voortplanten via stekjes
Het leuke aan planten is dat ze zichzelf vermeerderen zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. →
Of het nu aan het warme weer ligt of aan mijn beperkte tuinkennis, ik weet het niet. Maar ik had deze week flink wat tegenslag in de tuin. Mijn doperwtenoogst bleef beperkt tot vijf erwtjes, ik heb nog geen aardbei gezien en de poes ligt graag op een bedje van rucola, met alle gevolgen van dien.
Gelukkig komt zaterdag mijn persoonlijke tuingoeroe, mijn tante met honderd groene vingers, op bezoek en dan zal ik wel horen wat ik verkeerd doe. Ben benieuwd.
Tot die tijd troost ik mij met het lezen van een ontzettend leuk boekje. Don’t throw it, grow it! heet het en het gaat over hoe je keukenafval kan omtoveren in nieuwe oogst of vrolijke kamerplanten. Kiwi’s, pinda’s, waterkastanjes, gember, amandelen, dadels… je kan het allemaal zelf opkweken op je vensterbank. Lees hier bijvoorbeeld hoe eenvoudig je zelf citroengras kan kweken.
Goede vriend Daan heeft er geen boek voor nodig. Hij heeft al succesvol pepers, paprika’s en citroenen gekweekt. De Groene Vinger volgt het experiment natuurlijk op de voet. Ondertussen ga ik zelf maar eens proberen een zoete aardappel te produceren.
Als je huis, zoals de mijne, aan elkaar hangt van Marktplaats en kringloopwinkel-vondsten, dan schrik je je dood als je de prijzen bij de meubelboulevard ziet. En zo is het ook met tuinieren. De plantjes in mijn tuin heb ik óf zelf opgekweekt uit zaad óf als stekje gekregen óf ‘tweedehands’ uit een andere tuin gehaald. Het komt maar zelden voor dat ik een plant bij het tuincentrum koop en als ik dat doe dan verbaas ik me over de prijzen.
Planten kopen voelt voor mij een beetje als vals spelen. Laat mij maar planten scheuren, zaden bewaren en zoeken naar de jonge uitlopers. Persoonlijk vind ik dit één van de leukste dingen van tuinieren: al die gratis plantjes die overal opduiken. Neem nou de herfstaster. Sommige mensen zullen zeggen dat het vervelend is dat deze plant zo woekert en dat doet de herfstaster ook wel een beetje. Vorig jaar had ik er eentje en dit jaar heb ik er al dertig. Maar is dat een probleem? Nee! De jonge plantjes zijn makkelijk op te graven. Je hoeft ze alleen nog maar even los te knippen/snijden van de moederkluit. En wat doe ik met al die baby’s? Veel geef ik weg, maar je kunt ze ook verkopen of ruilen, op een stekjesmarkt bijvoorbeeld. Voor je het weet heb je geen tuin meer maar een kwekerij.